stam
nstjälk, stam, ordstam
(plantkunde) dikke houtige stengel van een struik
(plantkunde) deel van de boom tussen de wortels en de kruin
(antropologie) op verwantschap berustende samenlevingsvorm van meer families in beschavingen met weinig verstedelijking
(taalkunde) onvervoegde of onverbogen woordvorm