golf
n//gɔlf//våg, bölja, golf
meestal door de wind veroorzaakte verheffing van de waterspiegel
(natuurkunde) natuurkundige verstoring die zich voortplant via een medium als water of lucht
(figuurlijk) plotselinge tijdelijke toename van een verschijnsel
(elektronica) frequentieband voor radioverkeer
geen meervoud (sport) balspel waarbij een golfbal met een golfclub in een aantal slagen in de hole moet worden geslagen.
(aardrijkskunde) een grote baai